|
Reisverslag Paul en Eric in Haïti 12 juni–20 juni 2010
Inleiding Om een indruk te geven van onze bevindingen in Haïti, hebben wij dit reisverslag gemaakt. Wij hopen u hiermee een zo duidelijk mogelijk beeld te geven.
Doel Ons doel van deze trip was het bezoeken van projecten die we (mogelijk) kunnen gaan steunen. Wij willen (deel-)projecten ondersteunen waarvan de resultaten ook op de langere termijn effect hebben. Resultaten die meetbaar, zichtbaar en controleerbaar zijn en waarbij alle giften verantwoord worden besteed. Uiteraard moeten deze (deel-)projecten ook passen binnen ons budget. Wij richten ons niet verder op noodhulp dan de vliegtuiglading van januari en de hulpgoederen die we onlangs via containers hebben verstuurd. Mocht de mogelijkheid zich voordoen om wel noodhulp te kunnen bieden, doordat ons bijvoorbeeld kosteloze logistieke mogelijkheden ons worden aangeboden, dan zullen we daar uiteraard gebruik van maken.
Om aan bovenstaande een goede wijze invulling te kunnen geven, maakten we dankbaar gebruik van een aantal Nederlanders die sinds jaar en dag werkzaam zijn in Haïti. De namen die in het verslag voorkomen zullen dan ook voor sommigen niet geheel onbekend zijn. Ook hielden wij onze ogen en oren open voor initiatieven van andere buitenlanders in Haïti.
Wat troffen wij aan? Al kort na de landing op het vliegveld van Port-au-Prince (PAP) werden we geconfronteerd met de gevolgen van de aardbeving. Omdat het vliegveld flink beschadigd is, kwamen we in een tijdelijke ontvangsthal die voorheen als loods diende. Een opsomming: Rijdend en lopend door de straten van PAP zagen we overal ingestorte huizen; puinhopen langs en op de weg; de geur van bedorven voedsel; mensen met hun handelswaar op het hoofd of voor zich op de grond; broodmagere, angstige en naar voedsel zoekende honden; met mensen volgeladen taptap busjes; mensen onder gespannen zeiltjes tussen de ingestorte huizen en mannen betonblokkenhakkend om betonijzer vrij te krijgen voor verkoop en hergebruik. Maar ook mensen die lachend hun werk doen of met elkaar ontspannen praten; huizen die geen enkele schade hebben; veel witte auto’s met hulpverleners van diverse NGO’s (niet-gouvernementele organisaties) zoals Artsen zonder Grenzen, World Vision, Cordaid en het Rode Kruis; VN-militairen rond pantservoertuigen leunend op hun wapen; kinderen met eigengemaakte auto’s van plastic flessen; kinderen met amper kleren aan hun lijf die constant aanbieden om de auto met een smerige lap zonder water te wassen om zo wat te kunnen verdienen; schilderijen of andere kunstvoorwerpen aan hekken voor de verkoop; geïmproviseerde kerken die zo vol waren met biddende mensen dat velen buiten moesten staan; en geel/groen geklede en/of beschilderde fans van het Braziliaanse voetbalteam (Haïti is pro Brazilië). Kortom een bijzondere mengeling van lief en leed, die ons zeer raakt.
Oriëntatie op hulp en projecten Voordat wij onze trip aanvingen hadden we natuurlijk al de nodige contacten gelegd. Persoonlijke contact ter plekke is heel nuttig gebleken en dit werd ook zeer op prijs gesteld door een ieder die wij ontmoet hebben. We begonnen met informatie die we uit de monden van Leo (manager van een voedseldepot van het Bureau de Nutrition et Developpement) en zijn vrouw Ilse ontvingen. Beiden wonen en werken al meer dan 20 jaar in Haïti. Zij kennen het land, met name PAP. Door hen kwamen wij in contact met bijvoorbeeld pater Wim (meer dan 25 jaar in Haïti), Theo (de ‘water- en latrineman’ werkzaam bij World Vision) en Sjoerd (‘assistent waterman’). Ook afspraken die wij vanuit Nederland hadden geregeld zoals met Margarette van Bresma, Rob Padberg en Evelien de Gier (timmerfabriek) leverde tijdens de gesprekken waardevolle informatie en nieuwe contacten op. Het bijzondere van zo’n concentratie van contacten en info was dat wij deze mensen weer met elkaar in contact konden brengen.
Scholencomplex van pater Wim Het scholencomplex is het levenswerk van pater Wim uit (oorspronkelijk) Raalte. Hij is samen met 4 anderen onder het puin vandaan gehaald en heeft de aardbeving ternauwernood overleefd. Het scholencomplex (was o.a. een technische school en een kweekschool) is volledig verwoest! Niets, op één gebouw na, is overeind gebleven. Daarnaast werden de scholen vrijwel direct na de aardbeving geplunderd door bewoners vanuit de omgeving (tijdens het verzorgen van de gewonden en het bergen van de dode lichamen). Zowel alle lesmaterialen als ook houten ramen en kozijnen werden buit gemaakt.
Het was een bijzondere ontmoeting met een man die zoveel gedaan heeft voor de armsten van PAP. En ondanks zijn persoonlijke innerlijke kwetsuur heeft hij de moed opnieuw hervonden om te bouwen. Steun heeft hij ontvangen van bijvoorbeeld Cordaid en de inwoners van Raalte en hij zal doorgaan tot zijn laatste snik. Zijn missie is om dit ook te doen in Cité Soleil (één van de meest armoedige wijken van PAP, gebouwd op een vuilnisbelt met een hoge criminaliteit waar de heersende ‘gangs’ de dienst uitmaken). SHH gaat met pater Wim bekijken of hij geholpen kan worden door bijvoorbeeld de aanschaf van schoolmeubilair. Bij voorkeur aldaar gemaakt om reden van werkgelegenheid en dus de economie. Deze ontmoeting met zo’n gedreven man (inmiddels 70 jaar) zullen we ons leven niet vergeten. Hij vertelde ons over de 20 dode meisjes die dagenlang op zijn terrein lagen na de aarbeving en die hij zelf begraven heeft, omdat niemand hen kwam ophalen…
Huizenbouw ontmoeting met Evelien de Gier (Fondation Maxima) Niet geheel onbekend bij velen en collega stichtingen. Er was een grote bedrijvigheid van diverse houtbewerkingsactiviteiten in een grote tent op het terrein. Trots kon Evelien melden dat er per dag 6 houten huisjes (18 m2) ‘van de band rollen’ en dat op relatief kort termijn het aantal per dag kan gaan groeien naar 30 per dag. Dat is mooi en goed werk voor en door de Haïtiaanse medewerkers. Het minimum loon van een medewerker ligt rond de $100 per maand. De kosten per huisje liggen rond de $2000. De omstandigheden waarin werd gewerkt zijn goed te noemen en er wordt gewerkt met goede machines. Stichting Cordaid is grote afnemer en distribueert deze onder de armsten van de armsten in Leogane, een plaats die voor 90% is verwoest door de aardbeving. Evelien heeft een grote indruk op ons gemaakt. Als stichting zagen wij geen verdere toevoegingen, wel kansen in het licht van samenwerken met andere projecten.
Angel Missions Haïti (medische hulp aan kinderen met een ernstige fysieke aandoening) In het gesprek met directrice Vanessa Carpenter van Angel Missions Haïti werden wij enthousiast van haar persoonlijke inzet. Zij heeft de rol van bemiddelaar. Kinderen met een fysiek probleem die niet door Haïtiaanse artsen kunnen worden geholpen koppelt zij aan artsen uit de USA. Deze artsen komen dan op vrijwillige basis met een team gedurende enkele dagen de kinderen opereren. De Haïtiaanse artsen (constante factor) zijn hier direct bij betrokken en kunnen daarom ook de periode na de operatie het kind en zijn ouders ondersteunen en begeleiden. Wanneer het om zeer ingrijpende zaken gaat kan het voorkomen dat het voor het kind beter is om de aandoening in de US te laten behandelen. Het kind wordt dan opgenomen in het ziekenhuis van de betreffende arts. Ziekenhuis en arts doen dit belangeloos. Het kind wordt opgevangen door tijdelijke ouders (vaak Haïtianen woonachtig in de US) en de stichting van Vanessa bekostigt en regelt de vliegtickets. Daarnaast biedt zij ondersteuning aan scholen, zoals bijvoorbeeld een school voor jongens die geleid wordt door father Thomas. Haar wens is om een school op te zetten in de minst kansrijke wijk van PAP (Cité Soleil). Haar missie is zoveel mogelijk kansen te creëren voor kinderen en daarmee voor Haïti. Financieel wordt deze wereldvrouw ondersteund door diverse kerkelijke organisaties in de US. Wij zien twee kansen. De eerste is onze contacten met Nederlandse medische teams inzetten op dit gebied en de tweede is het contact leggen tussen pater Wim en Vanessa Carpenter. Beiden eenzelfde gedrevenheid en geloofsovertuiging. Maar bovenal een zelfde doel. Het oprichten van een school in Cité Soleil.
Bresma Met dit kindertehuis hebben we al langere tijd een binding; het is tenslotte het huis waar onze kinderen vandaan komen. De ervaring die we hebben opgedaan tijdens de bezoeken aan Bresma toen we in 2008/2009 onze kinderen gingen ophalen, was één van de triggers voor de oprichting van onze stichting. De woon- en leefomsituatie van de kinderen die in Bresma verbleven konden een forse verbetering kan gebruiken. Na de aardbeving waren de (gehuurde) kindertehuizen Bresma 2 (voor de oudere kinderen) en Bresma 3 zodanig verwoest dat het niet meer bewoonbaar was. Het eerdere idee van de directie om Bresma 1 (voor de jongere kinderen, pand in eigendom) en 2/3 meer aan elkaar te koppelen, kwam nu in een stroomversnelling. Het besluit werd genomen dat 1 en 2/3 op één lokatie moest komen. Grootste voordeel is dat de broertjes en zusjes bij elkaar kunnen blijven. Dit naast de andere organisatorische en logistieke voordelen (1 keuken, 1 ziekenboeg, 1 voorraadkamer etc.). Bij de voorbereidingen van de trip hadden wij informatie opgevraagd en ontvangen over de plannen (tekeningen en het bestek). Hier viel weinig op en/of aan te merken met uitzondering van bijvoorbeeld de energievoorziening en aanvulling op de watervoorziening (opslag en distributie). Nu zijn wij, na de gesprekken en het zien van de start van de bouw van het nieuwe deel van Bresma 1 en de renovatie van het bestaande gedeelte (met name het sanitair) voornemens hen financieel te ondersteunen. Dit doen we dan gezamenlijk met andere projecthulpfondsen uit Spanje, Frankrijk en België.
Verder heeft Margarette ons de Bresma School laten zien. Deze bevindt zich op een andere lokatie dan het kindertehuis. Deze school inclusief maaltijden is gratis voor ondermeer broertjes en zusjes van kinderen die in het kindertehuis verblijven. Vóór de aardbeving is deze school uitgebreid door er een verdieping op te zetten. Er is gelukkig geen schade ontstaan en in september zal dit nieuwe deel in gebruik worden genomen. Margarette heeft aangegeven dat er behoefte is aan ondersteuning op het gebied van de maaltijdverstrekkingen. Via SHH is contact gelegd met World Vision (zij werken in dezelfde regio als waar de school staat), opdat zij hierin iets kunnen betekenen.
Californe, een woongemeenschap op Plateau Central Via Rob Padberg kwamen wij in contact met Alyson Klemster (GB). Zij heeft zo’n 20 jaar geleden een jongetje (Baselais Papouloute; hij was toen 7 jaar) educatief-geadopteerd, oftewel, zij zorgde voor de mogelijkheden dat hij naar school kon gaan. Daar is zij mee gestopt toen hij 2 universitaire diploma’s (Engels en Internationale samenwerking) in zijn zak had. Baselais wil nu graag iets met zijn inmiddels vergaarde kennis doen voor o.a. de gemeenschap waar hij vandaan komt. Californe is een gemeenschap nabij de stad Hinche, ca. 80 km ten Noorden van Port-au-Prince. Het bestaat uit een bouwvalschool dat tevens fungeert als kerk. Het heeft zo’n 1800 inwoners die verspreid wonen binnen ongeveer een straal van 4 km van de school. Het aantal kinderen wat naar school zou kunnen is ongeveer 600. Het aantal kinderen wat werkelijk naar school gaat is 150. Mensen wonen in eenvoudige huisjes gemaakt van bladeren en takken met een klein keukenplaatsje buiten. De uitdagingen die de gemeenschap heeft zijn watervoorzieningen, sanitaire voorzieningen, de school en de kerk. In het kort: Watervoorziening; dat betekent het gebruikmaken van het regenwater door deze op te vangen middels regenpijpen aan de daken en te verzamelen in watertanks. - Sanitaire voorzieningen; het plaatsen van latrines. Belangrijk voor de hygiëne maar ook voor het fabriceren van compost en dat te gebruiken voor het land. - De school en de kerk; op het moment dat bovengenoemde zaken zijn gerealiseerd, komt de school in aanmerking voor het voedselprogramma van het Bureau de Nutrition et Developpement (BND). Dit houdt in dat de schoolkinderen iedere dag meerdere maaltijden krijgen. Op dit moment is dat niet het geval met als gevolg dat de kinderen niet of nauwelijks in staat zijn om de lessen te volgen. De school en de kerk zijn bezit van de schoolmeester tevens pastor. De gemeenschap wil graag dit in gezamenlijk bezit zodat zij meer zeggenschap kunnen hebben. Baselais ondersteunt de gemeenschap door het geven van informatie, kennis en inzichten. De gemeenschap zal zelf beslissen op basis van de verkregen inzichten wat, hoe en wanneer zij het een en ander gerealiseerd willen hebben. Hierin dienen zij wel geholpen te worden omdat zij niet in staat zijn de middelen te kopen. Voor ons is dit een project dat aansluit bij al onze doelstellingen. Het is relatief klein, goed te monitoren, betaalbaar en zal op enkele onderdelen snel resultaat opleveren.
Tenslotte Rest ons te melden dat we natuurlijk heel veel meer informatie hebben over Haïti, al hetgeen wat er gebeurt en alle onzekerheden die daar mee gemoeid gaan. We hebben ook meerdere mensen gesproken die hun diensten belangeloos aanbieden! Met dit verslag hopen wij onze donateurs / betrokkenen en geïnteresseerden inzicht te hebben gegeven in het verloop van onze trip en wat we (gaan) ondernemen. Speciale dank zijn we verschuldigd aan Leo Ripmeester, Ilse Vollmuller en Rob Padberg voor hun geweldige inzet, begeleiding en ondersteuning. We hebben met eigen ogen gezien hoe keihard het nodig is en hoe goed we de binnengekomen donaties kunnen besteden, waarvoor onze zeer hartelijke dank.
|